Interview met Frank de Boer

dinsdag 22 februari

Focussen, constant voor ogen hebben wat je doel is. Volgens Frank de Boer, trainer van Ajax, is dat de sleutel voor succes.

Frank de Boer weet waarover hij spreekt. De oud-sterverdediger heeft 112 interlands op zijn naam staan en won als speler zo’n beetje alles wat er te winnen valt. Hij speelde bij topclubs over de hele wereld, maar het begon allemaal bij voetbalvereniging de Zouaven in Grootebroek. “Een groot deel van onze familie is opgegroeid met die club”, vertelt Frank. “Een aantal broers van mijn moeder speelden bij het eerste; de sportieve genen hebben wij ongetwijfeld van mijn moeder. Van mijn vaders kant is het namelijk alleen mijn vader die goed voetbalde. Maar die is dan wel prof bij AZ geweest. Helaas moest hij op zijn twintigste stoppen door een blessure. Bij de Zouaven zaten mijn broer Ronald en ik in een heel leuk en goed team dat elk jaar kampioen werd. Niet alleen door ons hoor, we hadden ook een vriendje die spits was en die 40 goals in een seizoen maakte. We trainden heel veel en ik weet nog dat we altijd probeerden op het hoofdveld te glippen als we maar even de kans hadden.”

Geen tijd meer

Het contact met de Westfriese vriendjes verwaterde echter toen de twee broers op hun veertiende bij de Ajax-jeugd gingen spelen. “Dat is net zo’n leeftijd dat je op de middelbare school nieuwe vrienden maakt, maar daar hadden wij geen tijd meer voor”, herinnert Frank zich. “Want buiten school reden we iedere dag heen en weer naar Amsterdam. Gelukkig hadden Ronald en ik elkaar nog, dat scheelde.” Wat hieruit is voortgekomen, is inmiddels bekend. Ondanks alle internationale successen zijn de broers de Zouaven echter niet vergeten. “Ik heb net nog even gekeken hoe ze van het weekend hebben gespeeld”, meldt Frank. “Helaas komen Ronald en ik er niet meer toe om af en toe te gaan kijken, maar we wilden toch graag iets doen voor de club waar onze basis ligt. Vandaar dat we een jaar of vijf geleden de jeugd zijn gaan sponsoren. We kennen de mensen en weten dat het geld daar goed wordt besteed.”

Allerhoogste podium

Na een glorieuze carrière als speler, is Frank nu actief als trainer van Ajax. Bovendien was hij assistent-bondscoach ten tijde van het WK in de zomer van 2010. “Een WK is echt iets geweldigs”, vindt Frank. “Het is voor een speler het allerhoogste podium. Mijn eerste WK was in 1994, maar daar heb ik geen bevredigend gevoel aan overgehouden. Ik was vierentwintig en al best een ervaren speler, maar toch was ik eigenlijk te jong en liet ik me door andere dingen leiden. Daardoor was ik niet op mijn best; bij Ajax speelde ik in die tijd veel beter. Dat is ook wat ik als trainer op de jongens van nu wilde overbrengen. Denk niet: ‘Blij dat ik het zover geschopt heb’, maar kom alleen om te winnen. Als je niet die overtuiging en concentratie hebt, dan word je nooit wereldkampioen. Je moet blijven focussen, succes zit vooral in je kop. In 1998 ging het al veel beter. Toen hadden we een ervaren ploeg en had ik het gevoel dat ik dit keer echt Frank de Boer op de kaart wilde zetten. We wisten dat we een goed team hadden, maar toch ontbrak ook hier de focus om wereldkampioen te worden. In 2000 was die focus er wel, maar is het helaas gewoon niet gelukt.” Als assistent-trainer bij Oranje werkte Frank samen met bondscoach Bert van Marwijk en zijn collega assistent-trainer Philip Cocu. “We functioneerden echt als een team en waren heel gelijkwaardig”, ervoerFrank. “Iedereen bracht zijn eigen visie en ervaring mee en wilde graag elkaars mening horen.” De combinatie werkte, Nederland eindigde als tweede bij het afgelopen WK.”